Conditie opbouw
Het uithoudingsvermogen wordt bepaald door het functioneren van hart en longen. Wanneer er meerdere spiergroepen tegelijk actief zijn wordt er aanspraak gemaakt op je hart en je longen. Een aantal effecten van duurtraining zijn:
Voorbeelden van duurtraining zijn: lopen, fietsen, zwemmen, roeien, nordic walking etc.
Trainen met hartslag
Een goede manier om doelgericht te trainen is via de 'maximale hartslag' methode: 220 - leeftijd = maximale hartslag. Als je bijvoorbeeld 40 jaar bent is je maximale hartslag 180 slagen per minuut (220 - 40 = 180) Het nadeel van deze methode is dat er altijd met een hartslagmeter moet worden getraind en dat de maximale hartslagformule een standaardafwijking van 10 tot 15 slagen per minuut heeft.
Conditie opbouw
Wanneer je er tijdens een training voor zorgt dat je hartslag op ongeveer 80-85% van je maximale hartslag is, ben je doelgericht je conditie aan het verbeteren. Deze 80-85% noem je de streefhartslag. Deze streefhartslag moet je proberen te handhaven tijdens een training. Dit wil zeggen dat wanneer de hartslag boven de streefhartslag uitkomt je iets rustiger aan moet doen en wanneer de hartslag onder de streefhartslag zit je de intensiteit iets kan verhogen. Het duurt gemiddeld minimaal 6 weken om veranderingen in je conditie en fitheid waar te nemen. Je verbetert het snelst je conditie door oefeningen te doen waarbij je grote spiergroepen gebruikt, zoals hardlopen, zwemmen, roeien, skaten, fietsen en nordic walking.
Vetverbranding
Wanneer je er tijdens een training voor zorgt dat je hartslag op ongeveer 60-70% van je maximale hartslag is, ben je doelgericht bezig met vetverbranden. Deze 60-70% noem je de streefhartslag. Deze streefhartslag moet je proberen te handhaven tijdens een training. Dit wil zeggen dat wanneer de hartslag boven de streefhartslag uitkomt je iets rustiger aan moet doen en wanneer de hartslag onder de streefhartslag zit je de intensiteit iets kan verhogen.