Hamstringsblessure

Velen zullen het beeld dat Arjen Robben vlak voor het WK 2010 zijn hamstrings scheurde nog scherp op hun netvlies hebben staan. Tijdens een oefenwedstrijd tegen Hongarije stortte hij na een vreemd hakballetje met een van pijn vertrokken gezicht ter aarde. Uiteindelijk was fysiotherapeut Dick van Toorn in staat om hem met onorthodoxe middelen op te lappen voor het WK. Maanden later bleek er toch nog sprake te zijn van een zeer zware hamstringblessure waardoor Robben uiteindelijk lange tijd uit de roulatie was.

Voorkomen is beter dan genezen. Zeker ook omdat een hamstringblessure vaak weer terugkomt. De hamstrings (drie spieren aan de achterzijde van het bovenbeen) blijken een zwakke plek te zijn bij veel sporters. Dit kan door uiteenlopende oorzaken ontstaan. Bijvoorbeeld door vermoeidheid, een verkeerde warming-up, verstappen, beenlengteverschil, overrekken door verkeerde stretching of een disbalans in de krachtsverhouding tussen de quadriceps en de hamstrings.

Het blijkt dat de meeste sporters de hamstrings niet trainen, terwijl de quadriceps aan de voorzijde wel vaak geoefend worden. Hierdoor is de balans verstoord tussen de spieren die de heup moeten stabiliseren en de heupen komen verder naar voren te staan. De hamstrings staan daardoor te strak en zijn minder flexibel. De meeste mensen denken dat het rekken van de hamstrings op dat moment de beste methode is, maar dat is juist verkeerd om te doen. Ze staan namelijk al voortdurend in een reksituatie door de veranderde stand in het bekken.

Het is juist van belang om de focus te verleggen naar de heup- en bilspieren. Door deze spieren te versterken zal de mobiliteit in de heupen verbeteren. De continue stress-stand waarin de hamstrings zich bevinden zal verminderen waardoor er meer flexibiliteit ontstaat. Dit zal uiteindelijk een positief effect hebben en de kans op een blessure verminderen.

Excentrische spierkrachttraining is de beste methode om blessures te voorkomen. Dit is een beweging waarbij de pees en spier onder spanning in lengte toenemen. De weerstand is hierbij groter dan de kracht van de spier. Een bekende oefening is bijvoorbeeld het maken van een ‘bruggetje’. Wij zijn ervaren in het voorkómen en behandelen van hamstringblessures. Mocht je klachten hebben of behoefte hebben aan meer informatie dan kan je altijd even contact opnemen.

Weefselherstel

Bij sporten komen veel blessures kijken. Het liefst sta je natuurlijk de dag erna weer op het veld om een potje te spelen, maar helaas werkt het niet zo in de praktijk. Wij krijgen veel vragen over de revalidatie na een blessure: ‘Wat gebeurt er nu eigenlijk in je lichaam op het moment dat je een blessure hebt?’, ‘hoe lang duurt het herstel?’ of ‘hoe weet je zeker dat het echt hersteld is?’ Allemaal belangrijke vragen, waarbij de antwoorden helpen om herstel na een blessure beter te begrijpen.

weefselherstel

Een blessure levert per definitie schade op aan bindweefsel. Overal in ons lichaam komt namelijk bindweefsel voor. Bijvoorbeeld in het gewrichtskapsel, pezen en banden, maar ook in huid, spieren, bloedvaten en botten. Wanneer bindweefsel kapot gaat, bijvoorbeeld door een snee in de huid of het scheuren van een bandje, herstelt het altijd volgens eenzelfde patroon. Dit noemen we de drie fases van bindweefselherstel.

Als voorbeeld nemen we iemand met een ingescheurde binnenste knieband:
1) Ontstekingsfase 0-5 dagen: dit is de fase waarin het lichaam het heftigst reageert op de geleden schade. Er is veel zwelling en pijn. Het lichaam begint meteen een proces om de geleden schade te herstellen.
2) Proliferatiefase 4-21 dagen: in deze fase legt het lichaam nieuwe cellen neer op de plek van de schade. Deze cellen zijn niet van hetzelfde soort als waar het oorspronkelijke weefsel van is gemaakt.
3) Remodeleringsfase 15 dagen tot een jaar: dit is de belangrijkste fase. Het lichaam is in staat om cellen aan te passen aan hun functie. Deze fase kan echter wel heel lang duren. Van belang is om het nieuw aangelegde bindweefsel op de goede manier te belasten zodat de cellen zich kunnen aanpassen naar de cellen die nodig zijn.

Veel sporters denken na een blessure na zo’n zes weken weer het veld op te mogen. Het kan echter zo zijn dat het herstel veel langer duurt dan deze periode. Over het algemeen herstelt goed doorbloed weefsel het snelste. Voor bijvoorbeeld botweefsel staat tussen de 6-8 weken, spierweefsel tussen de 12-16 weken en banden en gewrichtskapsels tussen de 24-36 weken.

Wij kunnen een goede inschatting maken van de mate van schade en de tijdsduur voor herstel. Daarnaast kunnen we je helpen om de goede belasting te zoeken om je weer zo snel en zo sterk mogelijk op het veld te krijgen.

Preventieprogramma voorste kruisband

Begin januari zijn we officieel van start gegaan als fysiotherapeuten op het terrein van CJVV. Inmiddels is de inrichting met ook fitness- en cardioapparatuur van het praktijkgedeelte gereed. Het geeft ons de kans om er samen met jullie een mooie en frisse start te maken en daar hebben we veel zin in. Op de club hebben we al vele mensen mogen leren kennen en we hopen dat daar nog een grote groep bij gaat komen. Bij voorkeur in gezondheid want dat is uiteindelijk ons voornaamste doel om naar te streven. Vandaar dat we in dit eerste stukje voor ‘Op de stip’ aandacht willen geven aan een stukje preventie: voorkomen is nog altijd beter dan genezen.

Kruisbandletsel in één van de knieën is een vaak voorkomende blessure onder voetballers. Helaas, want dit is een kwetsuur die ervoor zorgt dat mensen lang uit de running zijn waarbij er na revalidatie vaak sprake blijft van een zwakke plek. Vandaar ook dat het goed is om preventief te focussen op het voorkomen van letsel. Een paar simpele aanwijzingen helpen daar al bij. Zo is het van belang om na een sprong bij het landen door de knie te zakken in plaats van met gestrekte benen op platte voeten terecht te komen. Bij het remmen zijn drie stappen beter dan één. Dit zijn dingen die prima toe te passen zijn in de training. Door dit vaak te oefenen ontstaan er automatismen die in het heetst van de strijd juist belangrijk zijn.

VKB1

Daarnaast blijkt uit wetenschappelijk onderzoek dat een specifiek preventieprogramma een forse reductie geeft van het aantal voorste kruisbandletsels. Door tijdens de training te richten op bepaalde spierversterkende oefeningen en het verbeteren van het bewegingsgevoel blijken voetballers veel beter in staat om goede controle te houden over de knie waardoor zwaar letsel veel vaker achterwege blijft. Dat is natuurlijk buitengewoon positief.

Als fysiotherapeuten vinden wij het belangrijk om dit preventieprogramma binnen CJVV meer bekendheid te geven, aangezien juist zoiets een groot verschil kan maken op het veld. Vandaar dat we voetballers, trainers en andere geïnteresseerden van harte willen uitnodigen om even langs te komen voor meer informatie.